Wedstrijd: eerste indoor & 800m

Hardloopblog

“Auf die platze…” en het startschot knalt! Het startschot voor mijn eerste indoor hardloopwedstrijd, mijn eerste 800 meter en, om een beetje op te scheppen, mijn eerste ‘internationale’ wedstrijd doordat de indoor hardloopwedstrijd in Dortmund is. Van tevoren gieren de zenuwen door mijn hele lichaam, maar zodra dat startschot komt zijn ze spontaan verdwenen. Dan is het alleen nog maar focus-focus-focus. Zo gaat het elke wedstrijd weer 😉

Twee weken voor deze indoor wedstrijd stond ik überhaupt nog voor het eerst op een indoor baan, als training bij Omnisport Apeldoorn (de enige indoor baan in Nederland). Daarvoor had ik geen idee hoe zo’n baan eruit moest zien en hoe het voelt om hier op te lopen. Een indoor baan is 200 meter versus de 400 meter van een outdoor baan. Daarnaast lopen de bochten een beetje schuin omhoog, vaak veroorzaakt doordat daar boven de houten indoor wielerbaan is. Tot slot is de lucht een stuk droger omdat het binnen in een hal is, wat je extra goed merkt als de lucht zo droog moet zijn om het hout van een wielerbaan goed te houden (wat dus in Apeldoorn het geval is). Van die droge lucht heeft niet iedereen last. Persoonlijk merk ik het alleen na het rennen en dan kan je snel naar een flesje water toe, dus dat is prima te doen.

Terug naar de 800 meter. De start gaat snel, heel snel! Ongeveer 28-30 km/u. Elke keer weer voelt dat toch wel heel erg lekker die snelheid in de benen. Met de instructies van de coach probeer ik zo snel mogelijk een goed plekje te vinden op de baan: niet te veel naar binnen zodat je kunt worden afgesneden, maar ook niet te veel naar buiten omdat je dan weer te veel extra meters maakt. Dat alles in secondes, want de totale race duurt net wat meer dan 2 minuten. Het eerste rondje vliegt voorbij en voelt lekker en ook het tweede rondje verloopt prima.

Zodra het derde rondje aanbreekt (van de vier) begin ik het zwaar te krijgen. Een vreemd gevoel in mijn benen wordt even meester in mijn hoofd in plaats van de stem die zegt dat ik door moet gaan. Net de paar seconden die zo belangrijk zijn als je eigenlijk maar 2 minuten hebt om jezelf te bewijzen. Sommigen noemen het ‘verzuring’, ik noem het benen die niet meer vooruit willen. Het moeilijkste van korte afstanden lopen, want je moet door dit punt heen kunnen komen. Helaas lukt het mij niet om er doorheen te komen. Ik loop wel door, maar met een gevoel dat het niet de geplande eindtijd onder de 2.20 gaat worden.

Het vierde rondje breekt aan, en uiteindelijk de finishlijn over. 2.25.01… Boos en uitgeput plof ik ergens afgelegen op een bankje neer om bij te komen van zowel die moeheid als boosheid dat ik niet onder de 2.20 ben gekomen wat nodig was om een kans te maken op deelname aan het NK Indoor. Uiteindelijk weer terug naar de andere hardlopers die mij weten op te vrolijken en ook de peptalk van mijn hardloopcoach maakt mij weer een beetje positief.

De eindtijd was niet zoals gepland, maar ik ben niet voor niks naar Dortmund afgereisd. Wedstrijden moet je leren lopen, zoals het leren om door te gaan als je benen even niet willen (“door de verzuring heen gaan”) en het strategisch plannen van je hardloopwedstrijd (snelheid en plekje op de baan). Daarnaast is het ook voor mij belangrijk om niet té hoge verwachtingen te hebben. Natuurlijk ga je er 100% voor tijdens een wedstrijd, maar als je van tevoren al hoge verwachtingen hebt begin je al met zo veel stress/spanning in je lichaam waar je niet beter van gaat lopen. De volgende (indoor) hardloopwedstrijd staat alweer komend weekend op de planning, maar daar ga ik het net wat rustiger opbouw qua looptempo en van tevoren de lat niet te hoog leggen. Dat laatste kan altijd tijdens de hardloopwedstrijd als het tempo heel lekker gaat.

Nog geen reacties

Plaats een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet openbaar getoond

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>